8 juli 2021

CC2CC3

Het werk van de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) start met het vaststellen bij welke gebouwen versterking wenselijk is in verband met het risico op bezwijken bij een (mogelijke toekomstige) aardbeving. Daarbij gaat het om woningen, maar de NCG kent ook speciale programma’s voor scholen, zorginstellingen, erfgoed en boerderijen. Gebouwen met een CC2/CC3 gevolgklasse, zoals winkels of sporthallen, zijn veelal nog niet in de werkvoorraad van de NCG opgenomen. Om zo efficiënt mogelijk vast te stellen of, en zo ja welke objecten aan de werkvoorraad moeten worden toegevoegd heeft de NCG aan TTE Consultants en Cohere Consultants gevraagd een prioriteringssystematiek voor de objecten te ontwikkelen. De randvoorwaarde daarbij was dat uitsluitend openbaar beschikbare data werd gebruikt.

Consequence Classes
In de bouwwetgeving hanteert men Consequence Classes (CC) (NL: gevolgklassen) om de risico’s m.b.t. verlies van mensenlevens, economische schade of sociale gevolgen als gevolg van het bezwijken van de constructie te duiden. CC2/CC3-gebouwen (meer mensen en/of groter belang, dus grotere gevolgen) moeten aan strengere eisen voldoen dan CC1 gebouwen (woningen, dus kleinere gevolgen).

 

Voor de prioritering zijn allereerst de kwetsbaarheid van een gebouw en de consequenties van het bezwijken van het gebouw berekend. De gebouwkwetsbaarheid is bepaald door een analyse van informatie uit de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (zoals het bouwjaar) te combineren met een GIS analyse (bijvoorbeeld de oppervlakte van een gebouw ). De consequentie van het bezwijken van het gebouw (de maatschappelijke impact) is bepaald aan de hand van de gebouwfunctie en het aantal personen dat zich in het gebouw kan bevinden. Deze waarden zijn vervolgens gerelateerd aan de locatie van het gebouw binnen het aardbevingsgebied, om de maximale aardbevingsbelasting te kunnen meewegen.

Het gereed komen van de prioriteringsmethode is een eerste stap. Aan de hand van de prioritering kan de NCG bepalen welke objecten daadwerkelijk op kwetsbaarheid worden onderzocht en eventueel aan de werkvoorraad moeten worden toegevoegd.

CC2CC3 1